Vlaams Belang-fractieleider Immanuel De Reuse kaartte tijdens de gemeenteraad van 21 september de terugkerende overlast op Roeselaarse pleinen en in parken aan, vaak veroorzaakt door allochtone groepen. Tijdens de voorbije zomervakantie ontving de fractie van Vlaams Belang verschillende signalen over onder meer geluidsoverlast, zwerfvuil, sluikstort, foutparkeren en vooral ook veel intimiderend gedrag. De bezorgdheden rond intimidatie gaan voornamelijk omtrent de vaststelling dat het openbaar domein wordt geclaimd door bepaalde onruststokers, waardoor kinderen en gezinnen uit de buurt worden weggejaagd en zo speelruimte worden ontzegd. Hij vraagt het stadsbestuur om de nodige maatregelen te nemen. “Onze pleinen en parken moeten plekken blijven waar iedere buurtbewoner en ieder kind zich veilig en welkom voelt.”, besluit De Reuse.
Er kwamen bij ons tijdens de zomer onder meer klachten binnen over het Prinsenhofpark, maar er zouden gelijkaardige problemen zich ook op andere locaties voordoen. In zijn mondelinge vraag verwijst Immanuel naar meldingen van geluidsoverlast tot laat op de avond, sluikstort en zwerfvuil, foutparkeren en groepen die volgens buurtbewoners speel- en ontmoetingsruimte exclusief innemen.
“Buurtbewoners mogen zich niet uit hun eigen pleinen en parken verdreven voelen!”
“Een park of plein waar buurtbewoners en kinderen wegblijven omdat ze zich er niet meer op hun gemak voelen, mist zijn doel volledig”, zegt De Reuse. “Wie voor overlast zorgt, moet kordaat worden aangepakt. De openbare ruimte is er voor iedereen en moet ook voor iedereen toegankelijk blijven. Wij zeggen neen tegen deze poging tot segregatie vanwege een aantal groepen, vaak allochtone onruststokers”. Gemeenschapswachten en stadsdiensten werden al summier ingezet in een poging om het probleem in te dijken, maar onze partij stelt vast dat de problemen veelvuldig blijven opduiken.
Het Vlaams Belang vraagt daarom dat het stadsbestuur niet alleen reageert op afzonderlijke meldingen, maar toelicht welke structurele maatregelen het voorziet wanneer overlast zich op dezelfde locaties blijft herhalen. “Handhaving moet zichtbaar en consequent zijn, maar het begint ook met een duidelijk beeld van waar en wanneer de problemen zich voordoen”, besluit De Reuse. “Roeselarenaars moeten hun buurtplein of park kunnen gebruiken zonder zich te moeten aanpassen aan mensen die de regels naast zich neerleggen.”